De Spaanse woningprijzen stegen 12,2%. Ontdek waarom nationale cijfers niet het hele verhaal vertellen voor tweede verblijven en investeringswoningen aan de kust.
De Spaanse woningprijzen stegen in Q2 2026 met 12,2%. Maar bestaande woningen stegen landelijk harder dan nieuwbouw — terwijl wij in de markt voor tweede verblijven en investeringswoningen aan de kust regelmatig een andere dynamiek zien. Hoe kunnen beide tegelijk waar zijn?
De Spaanse woningprijzen zijn in één jaar met **12,2% gestegen**. Maar eerlijk gezegd waren het een paar andere cijfers uit hetzelfde rapport die mij nog meer opvielen.
Volgens de nieuwste Housing Price Index van het Spaanse INE over het tweede kwartaal van 2026 stegen alle woningen gemiddeld met **12,2%**, nieuwbouwwoningen met **7,4%** en bestaande woningen met **12,9%** tegenover een jaar eerder. [Bekijk de officiële INE-cijfers](https://ine.es/dyngs/Prensa/IPV2T26.htm).
Met andere woorden: **bestaande woningen stegen volgens de nationale statistiek duidelijk harder dan nieuwbouw.** En precies daar begon het voor mij interessant te worden. Want dat is niet helemaal het beeld dat ik herken in het gedeelte van de Spaanse woningmarkt waarin wij dagelijks werken.
Voordat we onze eigen praktijk naast de cijfers leggen, is het belangrijk om te begrijpen wat het INE meet.
De Housing Price Index volgt de ontwikkeling van de daadwerkelijke verkoopprijzen van vrij geprijsde woningen in Spanje, zowel nieuwbouw als bestaande bouw. De gegevens komen uit notariële transacties. Het gaat dus om transactieprijzen, niet simpelweg om vraagprijzen op vastgoedportalen. [Lees de methodologie bij het INE](https://www.ine.es/dyngs/INEbase/operacion.htm?c=Estadistica_C&cid=1254736152838&idp=1254735576757&menu=ultiDatos).
Maar het cijfer maakt geen onderscheid naar **waarom iemand een woning koopt**.
En juist dat aankoopdoel verandert enorm veel aan wat een koper aantrekkelijk vindt.
Onze klanten zijn voornamelijk Belgen en Nederlanders die aan de Spaanse kust kopen als **tweede verblijf, investering of een combinatie van beide**.
Dat is een vrij specifieke koper. Een woning hoeft voor hen niet alleen functioneel te zijn als hoofdverblijf.
En dan begint de markt er plots anders uit te zien.
In onze dagelijkse zoektochten zie ik regelmatig dat oudere appartementen aan de kust op papier heel aantrekkelijk lijken: een goede ligging, dicht bij zee en soms een lagere instapprijs dan nieuwbouw.
Maar zodra we ze naast moderne nieuwbouw leggen, zie ik ook regelmatig waarom klanten uiteindelijk toch afhaken. Niet omdat een oudere woning per definitie slechter is, maar omdat het product soms ontworpen is voor een heel ander gebruik.
Denk bijvoorbeeld aan **kleinere terrassen, minder buitenruimte, kleinere raamopeningen, donkere leefruimtes of een indeling die vooral functioneel is voor iemand die er permanent woont of enkele weken per jaar verblijft.**
Voor de huidige tweede-verblijfkoper kan dat zwaar doorwegen. Wie een groot deel van zijn tijd in Spanje buiten wil leven, hecht nu eenmaal relatief veel waarde aan een ruim terras, veel glas, een open leefruimte en een sterke overgang tussen binnen en buiten.
En dat verschil zie je niet terug in één cijfer met het label **‘bestaande woning’**. Een gerenoveerd penthouse met een groot terras en zeezicht zit statistisch in dezelfde brede categorie als een donker appartement uit de jaren tachtig met een klein balkon. Voor een koper zijn dat natuurlijk twee totaal verschillende producten.
Meer over de praktische afweging leest u in [Nieuwbouw Spanje: voordelen en nadelen afgewogen](/blog/nieuwbouw-of-bestaande-woning-spanje).
Voor veel van onze klanten is verhuur geen detail. Ze willen de woning zelf gebruiken, maar tegelijk de mogelijkheid behouden om ze tijdens andere periodes te verhuren.
Dan koopt u niet alleen een appartement. U koopt ook een woning binnen een **gebouw, community en juridisch kader**.
Sinds 3 april 2025 kan voor het starten van nieuwe toeristische verhuuractiviteiten in appartementsgebouwen onder de Spaanse horizontale-eigendomsregels uitdrukkelijke toestemming van de community nodig zijn. In de relevante gevallen gaat het om een meerderheid van drie vijfde van de eigenaars die tegelijk drie vijfde van de participatiequota vertegenwoordigen. Bestaande situaties van vóór die datum kunnen onder overgangsregels vallen. [Bekijk de relevante BOE-bron](https://www.boe.es/diario_boe/txt.php?id=BOE-A-2026-1528).
Daarnaast blijven de toeristische regels van de autonome regio en gemeente relevant. Voor de vergelijking tussen woningen betekent dit iets heel praktisch: **een appartement kan als woning aantrekkelijk zijn, maar als verhuurproduct een totaal andere beoordeling krijgen.**
In onze praktijk merken we bovendien dat bij bestaande gebouwen de community soms vanuit heel andere belangen naar toeristische verhuur kijkt dan de buitenlandse koper die de woning deels als investering ziet. Dat is niet goed of fout. Het betekent alleen dat u dit vóór aankoop moet onderzoeken.
Lees hiervoor ook [Regels vakantieverhuur Spanje: van doolhof naar zekerheid](/blog/vakantieverhuur-spanje-licentie-en-regels) en [VvE-statuten en vakantieverhuur Spanje](/blog/vve-statuten-vakantieverhuur-spanje).
Aan de andere kant zien wij binnen bepaalde nieuwbouwprojecten aan de kust regelmatig een dynamiek die niet onmiddellijk uit het nationale cijfer van **+7,4%** naar voren komt.
Bij sommige projecten wordt een eerste fase verkocht en komt een volgende fase of een vergelijkbaar woningtype later tegen een hogere prijs op de markt.
Dat betekent niet dat **alle nieuwbouw aan de kust sneller stijgt dan bestaande bouw**. Die conclusie kunnen we uit onze praktijk niet trekken.
Maar het betekent wel dat voor een koper die specifiek zo’n project overweegt, de ontwikkeling **binnen dat project** relevanter kan zijn dan het nationale gemiddelde voor alle nieuwbouwwoningen in Spanje.
Ik zou marktdata daarom niet als één cijfer bekijken, maar als een trechter:
**Spanje → regio → kustmarkt → aankoopdoel → nieuwbouw of bestaande bouw → gebouw of project → concrete woning**
Hoe verder u naar rechts gaat, hoe specifieker — en meestal hoe bruikbaarder — de informatie wordt voor uw aankoopbeslissing.
De **+12,2%** vertelt u iets belangrijks over de richting van de Spaanse markt. Maar wanneer u moet kiezen tussen twee concrete woningen, wilt u uiteindelijk iets heel anders weten.
Stel dat u twee appartementen vergelijkt.
**Woning A** is bestaand. Ze ligt iets dichter bij zee en is goedkoper, maar heeft een klein balkon, minder licht en bevindt zich in een oudere community waar u de mogelijkheden voor toeristische verhuur nog grondig moet onderzoeken.
**Woning B** is nieuwbouw. Ze kost meer, maar heeft een groot terras, brede schuiframen, een gemeenschappelijk zwembad en een indeling die beter aansluit bij hoe u de woning zelf wilt gebruiken én bij het type huurder waarop u later mikt.
Welke woning is dan de betere aankoop? Daar kunt u onmogelijk op antwoorden met: **‘Tweedehands steeg landelijk met 12,9% en nieuwbouw met 7,4%.’** Die cijfers zijn correct, maar ze beantwoorden uw concrete vraag niet.
Ik zou de officiële marktdata zeker niet negeren. Een jaarlijkse prijsstijging van **12,2%** laat zien dat er in Q2 2026 op nationaal niveau nog altijd stevige prijsdruk aanwezig was.
Het is nuttige **macrocontext**. Maar het cijfer vertelt u niet automatisch:
Daarvoor moet u dichter bij de concrete markt kijken.
Dat zijn vragen die veel dichter bij de daadwerkelijke aankoopbeslissing liggen.
Ook daar zou ik geen algemene winnaar van maken. Er bestaan uitstekende bestaande woningen. Een uitzonderlijke ligging, groot terras, scherpe prijs of goede bestaande verhuursituatie kan een oudere woning bijzonder interessant maken. En er bestaat ook nieuwbouw die simpelweg te duur is voor wat u krijgt.
De relevante vraag is daarom niet: **‘Is nieuwbouw beter dan bestaande bouw?’** maar: **‘Welke van deze woningen past het beste bij wat ik ermee wil doen — en hoe sterk is ze binnen haar eigen marktsegment?’**
Dat is uiteindelijk wat ik zelf uit het INE-rapport meeneem. **De Spaanse woningmarkt steeg met 12,2%.** Dat is relevant. Maar voor iemand die een tweede verblijf of investeringswoning aan de kust zoekt, begint de echte analyse pas daarna.
Want u koopt niet **‘de Spaanse woningmarkt’**. U koopt één specifieke woning, in één specifiek gebouw of project, in één bepaalde regio, voor één bepaald doel.
Daarom gebruik ik nationale cijfers graag als context. Maar voor de uiteindelijke aankoopbeslissing wil ik veel dichter kijken naar **de lokale markt, het type koper, het gebouw en de woning zelf**.
En precies daar kunnen de officiële cijfers en wat wij dagelijks aan de kust zien allebei tegelijk waar zijn.